Werkboek Klassieke Homeopathie, deel 2
Ontwikkeling en Classificatie
Door: Piet Guijt.
Dynamis, nummer 49, Maart 2007, door Froukje Klamer.
Piet Guijt heeft in
zijn eerste werkboek zijn persoonlijke zoektocht naar de onderliggende
principes van de homeopathie beschreven met als doel de lezers aan het
denken te zetten.
Nu er de laatste jaren binnen de klassieke homeopathie diverse modellen
zijn gelanceerd om middelen en patiënten te classificeren, werd het
voor Piet tijd om deze tweede syllabus ‘Ontwikkeling en Classificatie’
te schrijven.
Wars van dogma’s heeft hij ervaren dat in alle modellen wel een stukje
waarheid schuilt, maar dat de juiste werkwijze afhankelijk van de casus
is.
Mij klinkt dit als muziek in de oren, de vraag is
alleen: hoe weet je welke methode je moet gebruiken?
Stapgewijs
Volgens Piet is op
de eerste plaats een uitgebreide kennis van de verschillende
benaderingswijzen noodzakelijk.
Niet alleen van de homeopathische modellen van ‘back to the basics’
tot de vernieuwende spirituele werkwijze, maar ook andere traditionele
geneeswijzen hebben ons veel te bieden.
In dit werkboek komen ze stapsgewijs aan bod. Piet verwoordt zich kort
maar duidelijk en al lezende wordt helder dat de verschillende
benaderingswijzen elkaar niet uitsluiten, maar juist aanvullen.
Beginnend met de vier klassieke elementen ‘Aarde, Vuur, Water, Lucht’
wordt er verband gelegd met het cholerische -, sanguinische -,
flegmatische - melancholische temperament.
Kennis van het temperament/de constitutie en de corresponderende
predispositie geeft een beter inzicht in de gevoeligheid van de
patiënt, ontwikkeling van de ziekte en karakter van de symptomen.
De Chinese en Indiase geneeswijzen blijken goede aanvullingen op de
filosofie van de homeopathie.
Zo worden bijvoorbeeld de drie hoofdmiasma’s (psora, sycosis, syfilis)
van de homeopathie vergeleken met de drie guna’s (satva, rajas, tamas)
van de traditionele, Indiase geneeswijze Ayurveda.
Naast een uitgebreid hoofdstuk over de miasmaleer komen ook andere
homeopathische benaderingswijzen aan bod: onder andere die van de
Natuurrijken (Sankaran, Rosenthal, Robbins), het
ziekteontwikkelingsmodel(Vijayakar) en de totaliteit en
ziekteclassificatie (Hahnemann: ‘Organon’).
Evolutionair ontwikkelingsmodel
Door alle
zienswijzen aan elkaar te linken, komt Piet tot één evolutionair
ontwikkelingsmodel waardoor je als homeopaat snel inzicht krijgt welke
methode op dat moment voor die specifieke patiënt het meest geschikt
is.
Maar voor het zover is - het inzicht daar is - moet je wel de moeite
nemen je in de verschillende modellen te verdiepen.
Per slot van rekening heeft Piet zijn syllabus niet voor niets een
werkboek genoemd.
Eenmaal zover begrijp je al snel de logica in zijn ontwikkelingsmodel en
kun je deze als leidraad gebruiken.
Titel
Werkboek Klassieke Homeopathie
Subtitel Ontwikkeling en Classificatie
Auteur Piet Guijt
Aantal pag. 99