Miasma's


Het begrip chronisch miasma heeft betrekking op het bestaan van diepgewortelde predisposities, die meestal de onderliggende oorzaak voor chronische ziekte zijn.

Organon §78: "De echte, natuurlijke chronische ziekten zijn die, welke door een chronisch miasma ontstaan."

De miasmatheorie is ontstaan doordat Hahnemann bij het behandelen van chronische ziekten vaak geconfronteerd werd met een terugval van genezing met een schijnbaar duidelijk geïndiceerd middel. Hij ontdekte dat dit veroorzaakt moest worden door de vroegere onderdrukking van ongenezen ziekten, die de fundamentele oorzaak vormden voor het feit dat echte genezing verhinderd werd. In eerste instantie werd de keuze van het geneesmiddel alleen maar op de nu aanwezige ziektesymptomen gebaseerd. Maar het juiste middel moet op een ziekte van grotere omvang voorgeschreven worden i.p.v. alleen maar op de huidige klachten.

Organon §5: "Voor zijn geneestaak heeft de geneesheer de volgende hulpmiddelen nodig: a. bij acute ziekte de gegevens van de meest waarschijnlijke aanleiding; b. bij chronisch lijden de belangrijkste momenten uit de hele ziektegeschiedenis, om de grondoorzaak ervan op te sporen, die meestal berust op een chronisch miasma. Vooral bij langdurig zieken zijn de volgende punten belangrijk: de lichamelijke gesteldheid voor zover na te gaan, humeur en mentaliteit, beroepsmatige bezigheden, leefwijze en gewoonten, maatschappelijke en huiselijke omstandigheden, leeftijd en seksueel functioneren enz."

Het begrip miasma zoals Hahnemann het hanteerde is synoniem voor: micro-organisme, bacterie, parasiet of virus. Maar met ‘miasma’ bedoelde Hahnemann vooral de effecten van micro-organismen op de levenskracht met inbegrip van de symptomen die op de volgende generatie(s) worden overgedragen. Ziekteverwekkers, pathogenen zelf zijn niet direct verantwoordelijk voor ziekte, maar wel hun ziekteproduct, toxine of toxisch effect, vooral door onderdrukking. In deze zin is het miasma een verontreiniging, aantasting of stigma. De ziekteverwekker doden volstaat dus niet altijd, want het ziekte-product en de evt. verzwakking van het organisme blijft. De levenskracht wordt door deze chronische infectie blijvend verzwakt. Het juiste middel moet ook gebaseerd worden op de hierdoor veranderde constitutie. Hahnemann maakte hiervan een indeling in drie groepen: Psora, Sycosis, Syfilis. Hij vond hier ook passende geneesmiddelen bij.

Hahnemann noemde in eerste instantie de niet-venerische chronische miasma's Psora en twee venerische namenlijk: Sycosis en Syfilis. Later heeft hij hier nog een ander universeel miasma aan toegevoegd, namelijk het Pseudo-Psora of Tuberculosis miasma, welke zeer verwant aan Psora is, maar voor zijn ontwikkeling niet afhankelijk van een huidlaesie is en een geheel eigen oorzaak heeft. Er zijn nog meer universele miasma’s, al of niet gemengd, zoals Aids, Carcinosis.

PSORA staat voor het functionele gebrek om stress het hoofd te bieden, er is te weinig vitale levenskracht. Bij Psora hebben de primaire manifestaties betrekking op de huid in de hoedanigheid van jeukende uitslagen. De secundaire manifestaties richten hun werking hoofdzakelijk op het zenuwstelsel en de zenuwcentra en produceren 'functionele' verstoringen, zoals zwakte in het functioneren van organen en lichaamssystemen, assimilatiestoornissen. Psora is het 'irritatie' miasma. De symptomen vertegenwoordigen de manieren waarop het individu tegen zijn natuurlijke vitale energie, dus tegen zijn levensbestemming ingaat en daardoor afgesneden van energie wordt. Psora weerspiegelt in haar essentie het beeld van hypotrofie en hypotonie en hypergevoeligheid. Er is een tekort, traagheid, gebrek, een zwakte, verlaging, een vermindering van alle lichaamsfuncties en psychische vermogens, de individuele expressie wordt hierdoor begrensd. Centraal in de psyche staat de levensangst, de hulpeloosheid en het gebrek aan doorzettingsvermogen, die zich in de meest uiteenlopende angsten en onzekerheden openbaren. Het staat voor een moeilijke situatie waarin iemand een gevecht moet leveren om te kunnen slagen. Er is angst, zorgelijkheid en men twijfelt aan het eigen kunnen; tegelijk is er hoop en niet slagen betekent niet het einde van de wereld. Het psorische temperament is vol van pseudo-wetenschappelijke, filosofische, politieke, religieuze ideeën. Het zijn praters, opscheppers, met een goede indruk van henzelf, ze denken dat ze geniaal zijn, maar zijn in de ogen van anderen dwaas en onpraktisch. Ze zijn alleen en verlaten, in zichzelf. Bij de gemiddelde Psora patiënt zijn de spirituele en mentale vermogens goed ontwikkeld en is een duidelijke houding tegenover materiele zaken aanwezig.

SYSOSIS weerspiegelt het maskeren van een interne zwakheid. Bij Sycosis zijn er meer 'acute' symptomen die betrekking hebben op de slijmvliezen en de zenuwcellen. Sycosis tast de inwendige organen aan, vooral de bekken- en seksuele organen en veroorzaakt diverse ontstekingen en woekeringen van weefsels. De symptomen vertegenwoordigen de manier waarop de patiënt zich voorziet van niet-specifieke energie om zijn tekort aan energie te compenseren. Sycosis is het 'niet-coördinatie' miasma. Sycosis weerspiegelt in haar essentie het beeld van de hypertrofie, de hypertonie. Er is een teveel, een overmaat, een abnormale toename van alle lichaamsactiviteiten en psychische vermogens die tot pathologische uitscheidingen en weefselwoekeringen leiden, tot vervorming in fysiologische processen en in het psychisch gedrag. Het basisgevoel is dat er een gefixeerde, onherstelbare zwakte in hem bestaat, waar hij mee om moet gaan, want er is geen hoop dit te veranderen. Dit moet voor anderen verborgen blijven. Ze zijn pessimistisch, harde realisten, sceptisch, gesloten, hebzuchtig, egoïstisch, eigenliefde, terughoudend, achterdochtig, jaloers en hebben gefixeerde ideeën en verborgen zelfverachting. Heeft de neiging te overdrijven, als hij faalt probeert hij de ontsnappen, in woorden, gebaren of anderen de schuld geven. Onderdrukt negatieve aspecten, lost ze niet op, is zich hier niet bewust van. De gemiddelde Sycosis patiënt focust op de materiele wereld, de bron van energie voor zijn bestaan, en op fysiek niveau heeft hij de neiging tot overgewicht.

SYFILIS houdt wanhoop en destructie in omdat in deze toestand geen herstel meer mogelijk is. Bij Syfilis hebben de symptomen vrijwel uitsluitend betrekking op de zenuwcellen en worden verzweringen en destructie van alle functies veroorzaakt. Syfilis weerspiegelt in haar essentie het beeld van de dystrofie, de dystonie. Labiliteit en degeneratie, ontaarding en vernietiging van de levenskracht kenmerken dit miasma.

De symptomen vertegenwoordigen het proces van verval, of het geleidelijke intreden van de dood in het menselijke lichaam. Syfilis is het 'vernietiging' miasma. Centraal in de psyche staan wrok, haat, het verlangen gemeen te zijn, te doden of zelfmoord te plegen, te vernietigen, woede en razernij. Het is een mix van gestoordheid en genialiteit met een diep gevoel van ironie welke tot een obsessie leidt op het gebied van dood en vernietiging. Ze eindigen met schuldgevoelens, zelfvernietiging, alcoholisme, depressie, gestoordheid, krankzinnigheid of zelfmoord.

TUBERCULOSIS weerspiegelt in haar essentie het beeld van de atrofie, atonie. Er is een ontvankelijkheid, vermagering, verschrompeling, een degeneratie, niet alleen zoals bij psora op het functionele niveau, maar gecombineerd met het syfilitische, leidt dit tot weefselwoekeringen. Centraal in de psyche staat het ontheemd zijn, met al haar varianten, vanuit een gebrek aan eigen identiteit, angsten door geblokkeerde zelfexpressie en vluchten voor de werkelijkheid Ze zijn romantisch, erotisch, sociaal, extrovert, kosmopoliet, grillig, angstloos, koppig, optimistisch, maar ontevreden en willen altijd dingen veranderen, zoals plaats, werkkring, vrienden etc. Rusteloos op zoek naar een nieuw thuis. Verlaten en vernietiging. De gemiddelde Tuberculosis patiënt heeft totaal geen interesse voor de materiele wereld en verliest gewicht op het fysieke niveau. Hij compenseert de onderdrukte energie met spirituele stimuli zoals muziek, kunst esoterische filosofieën etc. Bij een verschuiving naar de Syfilis fase zien we meer wanhoop, teleurstelling over de eerdere filosofieën en dit kan uitgedrukt worden door destructief gedrag.

CARSINOSIS wordt gekenmerkt door een neiging tot het vormen van kwaad- of goedaardige tumoren en neoplasmata van allerlei aard. Er bestaan families waarbinnen vaker kanker optreedt. Kanker is een eindstadium welke veroorzaakt kan zijn door virussen, carcinogene substanties, gemengde miasma's, of een combinatie van alle drie. Een tumor kan verschijnen ten gevolge van elk miasma, of als combinatie van twee of drie miasma's, dit is geen indicatie voor het Carcinosis miasma, welke afhankelijk is van een actieve combinatie van minstens twee miasma's. De aard van de tumor wordt bepaald door de actieve miasma's, de prognose bij het psora miasma is het meest gunstig. Centraal in de psyche staat het zwaar onder controle staan van degene van wie men afhankelijk is. Er is het gevoel is dat overleving afhankelijk is van het uitvoeren van bovenmenselijke taken, (in het belang van anderen), een inspanning die de eigen capaciteit te boven gaat, falen betekent dood en vernietiging. Er is een tendens om zichzelf, zijn eigen wensen te onderdrukken, gewelddadige relaties, perfectionisme, nauwgezet, overbezorgd en zelfopoffering welke tot zelfvernietiging leidt. Woekering en vernietiging.

AIDS heeft associaties met 'grens' kwesties, wat binnen in het organisme is moet daar blijven, wat er buiten is komt er in geval van gezondheid niet in, maar hier is een schending en vernietiging van de eigen grenzen; het immuunsysteem bezwijkt. Er is het gevoel machteloos en verraden te zijn, juist de mensen die veiligheid en geborgenheid zouden moeten bieden, schenden de eigen grenzen. Er is een groot verantwoordelijkheidsgevoel voor anderen, doorzetten ondanks zware omstandigheden, zonder te klagen. Geschiedenis van seksueel misbruik. Er is sprake van zelfverachting, isolatie en vervreemding.

Het chronische miasma kan volgens Hahnemann, als de primaire symptomen van de infectie op de huid aanwezig zijn nog besmettelijk zijn. Deze reactie van het lichaam dient om ontgifting te bewerkstelligen. Indien deze wordt onderdrukt kan het miasma latent aanwezig zijn. Dit noemde Hahnemann het inwendige miasma, dit komt overeen met het bestaan van een predispositie, welke via erfelijkheid doorgegeven kan worden.

Een miasma is dus geen ziekte, maar de fundamentele constitutionele gesteldheid van het individu, de dynamische basis voor ziekte. Het miasma wordt dan ook niet behandeld, maar de constitutionele/ miasmatische gesteldheid.

Deze miasmatische predispositie kan na enige stress zoals een acute ziekte, shock, trauma verdriet, woede, etc. met secundaire symptomen tot uiting komen, bij verdere ontwikkeling tot ernstige structurele pathologie in de weefsels en organen is het tertiaire stadium bereikt. Al de symptomen die uit bovengenoemde manifestaties voortkomen noemt men de miasmatische symptomen. Miasma's zijn dus de primaire fundamentele oorzaak voor ziekte, belastende omstandigheden zijn de secundaire factoren.

Als de vier primaire dragers van de Psorische infectie noemt Hahnemann in zijn ‘Chronische Ziekten’:

  1. Bacteriën, zoals staphylococcus en streptococcus;
  2. Virussen, zoals herpes;
  3. Schimmels, zoals de verschillende vormen van tinea (ringworm);
  4. Dierlijke mijten, zoals schurft.

'Psora' is dus niet synoniem aan 'Schurft', Psora is de algehele energetische verstoring, waarvan de ziekte 'Schurft' slechts het materiële gedeelte kan zijn. Hetzelfde geldt voor het miasma 'Sycosis' en de ziekte 'Gonorroe', het miasma 'Syfilis' en de ziekte Syfilis enz De nosode van de infectie veroorzaakt een karakteristiek ziektepatroon, welke het gemeenschappelijk heeft met andere middelen (complementaire relatie). Het symptomenbeeld van een totaal miasma is omvangrijker dan het beeld van de nosode (infectie) alleen. Hahnemann noemde chronische ziekte als gevolg van miasma's een door infectie of erfelijkheid ingeplante ziekte. Een chronisch miasma veroorzaakt als het in de constitutie van de geïnfecteerde persoon ingeplant of versterkt wordt (infectie) een predispositie die direct op het nageslacht overdraagbaar is. Deze miasmatische invloeden beïnvloeden zo van generatie op generatie de constitutie (erfelijkheid).

Hoewel sommige homeopaten tegenwoordig nog onverkort aan Hahnemann's verklaring over het ontstaan van de miasma's vasthouden, moet het idee dat er uiteindelijk altijd een infectie voor chronische ziekte verantwoordelijk zou zijn redelijkerwijs toch worden verworpen. Er is natuurlijk wel een unieke relatie tussen een bepaalde infectie en het corresponderende miasma, waardoor de levenskracht zich relatief gemakkelijk door bepaalde specifieke ziekteverwekkers laat verstoren. Maar en ziekteverwekker kan niet écht de oorzaak zijn, maar is de aanleiding tot ziekte. Er moest zeker in geval van besmetting met Psora, toch al een bepaalde predispositie (=tendens) hiervoor bestaan. Niets in deze wereld is volmaakt gezond, we lijden dus allemaal in zekere mate aan Psora, Sycosis en Syfilis en Tuberculosis.

De mens is een, van het absolute gescheiden, maar gelijktijdig op het absolute gerichte, aan relativiteit gebonden wezen. Bij absolute gezondheid zou er geen susceptibiliteit voor ziekte bestaan, omdat er dan een volmaakt evenwicht met de omgeving zou zijn. Omdat absolute gezondheid in dit (fysieke) bestaan onder de gegeven omstandigheden niet mogelijk is, is er altijd sprake van een niet volmaakte gezondheidstoestand. Het organisme is dus altijd in min of meerdere mate chronisch ziek.

Er zijn predisposities aanwezig binnen de constitutie. Deze kunnen beschouwd worden als constitutionele ziekten of de collectieve morfologische, fysiologische en psychologische kwaliteiten die een mens karakteriseren. Deze invloeden vormen het zgn. 'gezonde' constitutionele basistype, de (onvolmaakte) eigenschappen (structuur, temperament, karakter etc.) die de 'natuurlijke individuele gesteldheid' bepalen. Deze preëxistente verstoringen vertegenwoordigen in hun totaliteit een algemene verzwakking van de vitaliteit: de primaire psora. Dit betekent een 'primair disunion', ten opzichte van een absolute gezondheidstoestand en is op te vatten als een primaire basiswaan.

Deze zijnswijze blijft bijna altijd onbewust en is min of meer gezond en vormt tevens de diepste constitutionele predispositie voor het ontwikkelen van ziekte. Door het bestaan van deze susceptibiliteit gaat de levenskracht als er bepaalde veranderingen van de omgeving optreden, op deze 'prikkels' in en kan daardoor evt. verstoord raken. Dit is dus uiteindelijk de meest fundamentele oorzaak van ziekte.


Terug