Ziekte versus ziekte

We moeten ons bij het werken met lagen wel realiseren dat het concept van “totaliteit van alle karakteristieke symptomen” en het behandelen van de “hele mens” bij de toepassing van deze methodiek enigszins veronachtzaamd wordt. Aan de andere kant is het zo dat er altijd een selectie gemaakt moet worden uit alle aanwezige symptomen, want het gaat bij de keuze van het simillimum niet om de kwantitatieve maar om de kwalitatieve of logische totaliteit. Daarom moeten alle symptomen worden nagaan die zijn ontstaan vanaf de geboorte tot heden in de juiste volgorde hun ontwikkeling, zodat deze in het behandelingsplan toch een plaats krijgen. Hoe we het ook benaderen, een persoon kan op een bepaald tijdstip maar één verstoring hebben, wanneer alle symptomen ‘kunstmatig’ opgesplitst worden, gebeurt dit in navolging van Hahnemann aan de hand van het nu actieve symptomenbeeld en patroon als geheel.

Er wordt wel beweerd dat Hahnemann op de ziekte en Kent op de zieke voorschreef, maar dit is onjuist. Het diepteniveau van ziekzijn kan afhankelijk van de casus anders zijn, waardoor de symptomen hiërarchisch anders tot uitdrukking komen. Zowel Kent als Hahnemann schreven uitsluitend voor op grond van de eenheid van de verstoorde levenkracht. Ziekte en degene die het ondergaat, kunnen ongeacht welk constitutioneel niveau het betreft, nooit gescheiden worden. Ziekte is ten alle tijden een uiting van de verstoorde levenskracht, welke in overeenstemming met de oorzaak, de gehele of een gedeelte van de constitutie gebruikt om de hiermee corresponderende totaliteit van symptomen uit te drukken. Dus om in het kader van behandeling de zieke en ziekte als strikt gescheiden entiteiten te beschouwen is principieel onjuist. Het is geen vast filosofisch uitgangpunt of een casus vanuit het individu of collectieve ziekte benaderd wordt. Hiermee wordt de ziekteclassificatie van Hahnemann in het juiste perspectief geplaatst.

Organon §11: "Als de mens ziek wordt, is in het begin alleen deze zelf werkzame levenskracht (het levensbeginsel), die overal in zijn organisme aanwezig is, 'ontstemd' door de tegen het leven gerichte dynamische invloed van een ziekmakend agens.

Ziekte begint op een functioneel niveau, voordat er perifere of structurele pathologie ontstaat.
Er zijn twee component betrokken bij deze verstoring van de levenskracht:
1. de individuele levenskracht;
2. de externe ziektekracht.

De onderlinge verhouding van de externe ziektekracht en de individuele invloed op het ziektebeeld is niet absoluut. Deze kan op een van de uitersten van endogeen of exogeen of ergens hier tussen gelegen zijn.

Centripetaal betekent in dit kader een beweging of tendens om van de periferie naar het centrum te bewegen. Hier ligt de oorzaak endogeen, in het centrum binnen het lichaam, de expressie start van de periferie naar het centrum. Het betreft ziekte veroorzaakt door deficiëntie of teveel aan vitaminen, hormonen, verstoring van metabolisme, functionele en structurele verstoringen van weefsels of organen die de persoon als geheel aandoen. Deze categorie vormt de echte dynamische ziektes. Lokale behandeling van de symptomen leidt tot onderdrukking, waarbij de toestand van de hele persoon verslechtert. De psychisch/mentale en generale symptomen worden primair gebruikt, in relatie met de hoofdklacht en plaatselijke karakteristieken.

Centrifugaal betekent een beweging of tendens om van het centrum naar de periferie te bewegen. Hier ligt de oorzaak, exogeen in de periferie of buiten het lichaam, de expressie start ook hier van de periferie naar het centrum. Het betreft ziekte veroorzaakt door infecties, omgeving of atmosferische factoren, toxisch effect, chirurgische ziekte, etc. Hier is de levenskracht zelf niet ziek, maar vaak in een overweldigde toestand, waardoor een adequate reactie achterwege blijft. Het behandelen van de lokale symptomen werkt hier genezend en niet ondrukkend. Het voorschrift wordt gebaseerd op de totaliteit welke zich kenbaar maakt uit de klinische diagnose, etiologie, de symptomen van de ziekte en alle lokale modaliteiten, key-notes, locatie (specifieke/ organotrope indicatie), gevoel, concomiterende symptomen en verandering. Alleen die psychisch/mentale en generale symptomen worden gebruikt, welke verschenen of verergerd zijn sinds de ziekte bestaat. De hiërarchie in symptomen die gehanteerd wordt bij deze ziektegesteldheid is dus precies tegenovergesteld aan die gebruikt wordt bij een individueel voorschrift.



Terug